Toertocht verslagen

Hier de verslagen van de door ons gereden toertochten, inclusief beoordeling!
Klik op de fotocamera bij het verslag voor de foto's van de spy-cam en de routekaart.
Klik op het kompas voor een GPS-track.
Datum Tocht Beoordeling
21 november 2010 Trimloop 7 heuvelenloop, door de Zwarte van Oosterhout -
17 oktober 2010 Toertocht Nuenen, door de Kempenstoemper 8
17 augustus 2010 Club des Cingles du Mont Ventoux, door de Kempenstoemper 8-
15 augustus 2010 Alpenbrevet, Meiringen (CH) door de Flying Stoemper 9
15 augustus 2010 Alpenbrevet, Meiringen (CH) en Bormio (I) door de Zwarte 7.5
15 augustus 2010 Alpenbrevet, Meiringen (CH) door de steekpenningmeester 8-
juli 2010 Hoogtestage CH 8.5
13 juni 2010 Omloop Math Salden 7
13 juni 2010 Raid de Hautes Fagnes 9
12 juni 2010 Jean Nelissen Classic 9
28 - 31 mei 2010 Trainingskamp Moezel 7.5
16 mei 2010 Grenslandklassieker, 210km 8
25 april 2010 Twan Poels Klimclassic, 140km 8
25 april 2010 Klimmen-Banneux-Klimmen, 140km 8
10 april 2010 Heuvelentocht Twello, 75km 7.5
januari-februari 2010 trektocht Vegistoemper Zuid-Afrika 800 km -



Archief
  • Seizoen 2009
  • Seizoen 2008
  • Seizoen 2007
  • Seizoen 2006
  • Seizoen 2005
  • Winterseizoen 04/05
  • Zomerseizoen 2004
  • Winterseizoen 03/04
  • Zomerseizoen 2003
  • Winterseizoen 02/03
  • Mocht je op -of aanmerkingen hierop hebben, stuur ons dan gerust een e-mail.

    2010

    Trimloop 7 heuvelenloop, Nijmegen, 15km door de Zwarte.

    De zwarte had eens iets anders verzonnen dan fietsen. Nadat hij deze zomer hoorde dat Gebakstoemper de 7 heuvelenloop weer ging lopen, begon het loopvirus weer te kriebelen. Na 7 jaar maar weer eens een poging wagen?...in 2003 ook deze loop gedaan en sindsdien niet of nauwelijks gelopen. Tevens het plan toen opgevat om Willem eens te polsen voor een Nijmeegs avontuur. Hij bevindt zich kwa fietsen al een paar jaar in de bezemwagen (zie elders op deze site) maar loopt sinds een tijdje een best stukje hard. En het gaat steeds harder...de PR's sneuvelen met de week. Dus dat moest wel wat voor hem zijn...s'werelds snelste parcours op 15 km. Na het fietsseizoen begonnen met trainen. Ging op zich best okee met de conditie. Alleen de spieren en pezen blijken toch wel wat te verduren te hebben. Na een week of 3 de eerste blessure in de kuit. Rusten hielp niet voldoende snel, dus op naar de osteopaat. Dat hielp wonderbaarlijk goed. Geen last meer van gehad. Dus de training weer hervat en de afstanden wat verder uitgebouwd naar 15 km. Af en toe een Coopertestje voor de snelheid. In ieder geval was ik inmiddels net zo snel als in mijn middelbare schooltijd! 2700 m in 12 minuten. Helaas was door het blessureleed de tijd wel te kort om echt wat afwisselend te trainen, dus het opvoeren van de afstand was het meest belangrijk.

    Een week voor de loop kwam het toevallig goed uit dat er een vakantie naar La Gomera stond gepland. Goed en lekker warm weer en daar dus ook een paar keer de hardloopschoenen aangetrokken. Maar dat is gene zever zoals onze zuiderburen zeggen! Alles op en af! En wel stukken van zo'n 10% schat ik....Al met al toch redelijk goed voorbereid aan de start gekomen. Op 21 november was het dan zover. Samen met Willem in startvak groen opgesteld. Gebakstoemper Wessel stond wegens gelopen tijden in vorige jaren een flink stuk verder naar voren. Gelukkig is het mooi weer. Droog, graadje of 7 en weinig wind. Als het startschot valt probeer ik nog een oude truuk door net ff een paar seconden later als Willem over de startstreep te lopen. Je weet maar nooit als we samen finishen..... Eerst 5 km gaat voorspoedig. Weliswaar heuvelop (80 hm), maar toch zo tegen 4:30 / km. Willem loopt zo'n 50 meter uit op me, maar ik houd het nog in het vizier. Echter bij indraaien van de derde baan, schiet het in mijn binnendijspier...Ik probeer door iets te vertragen er "doorheen" te lopen. Helaas lukt dit niet en stop ik even om wat masseren. Toch maar doorgegaan in langzamer tempo. Bij de eerste waterpost 3 bakkies water gedronken om kramp te voorkomen. Het gaat net. Eigenlijk niet, maar ja hier heb ik toch voor getrained en ik hoef hierna niet perse meer te lopen....Dus ik loop door de pijn heen door. De 2de 5 km gaan daarom duidelijk veel trager dan de eerste. Langzaam kan ik toch het tempo weer opschroeven en begin weer mensen in te halen die met net daarvoor voorbij zijn gekomen. De laatste 5 k zijn weer van behoorlijk niveau en ik kan het schema weer bijstellen tot onder 1:15 uur.

    Willem zie ik natuurlijk niet meer, maar met blessure ben ik met 1:14:30 toch wel tevreden. (zo'n beetje 8400ste van 24500 deelnemers en in ieder geval nog wel sneller dan ene L. Pfrommer, 1ste bij mannen 75+). Willem loopt een keurige 1:10:14 (zo'n beetje 4500ste en uiteraard weer een PR) en Wessel zit waarschijnlijk al thuis op de bank, na zijn 59:14 (622ste)! En wat leert de zwarte hiervan? Het is wel verstandig de training wat langzamer op te bouwen en zo de spieren en pezen wat beter te laten wennen aan het hardlopen.....Ook is het denk ik ook wel goed om wat (kortere) wedstrijdjes te lopen om wat hardheid op te bouwen. Willems loopavonturen zijn overigens te volgen op zijn weblog

    Toertocht Nuenen 17 oktober 2010, organisatie TC Nuenen, 50km door de Kempenstoemper.

    Gewoon weer eens een toertocht rijden ipv de bekende rondjes. Zondag 17 oktober was er een georganiseerd door TC Nuenen met afstanden van 30, 40 en 50 km. Met Rolf afgesproken iets voor 10-en bij de start. Na een vlotte inschrijving eerst wat snelle paden richting de bossen ten noorden van Nuenen waar al snel de splitsing 40 en 50 km kwam. gekozen voor de 50km want we hebben betaald dus we willen alles en de 40km was wel erg druk (70% ging de 40km op). De website van TC Nuenen meldt dat er meer dan 1000 deelnmers waren, dus goede keuze gemaakt. Wel een leuke picassa-site met plaatjes van hun fotograaf, vind je hier. Na een mooi lusje in de bossen bij Lieshout met wat heuveltjes werd er over bekende en minder bekende paden weer naar het zuiden gekoerst. Daar ligt de Razobbult, met 70m boven NAP het hoogste (artificiele) punt van Brabant. Van drie kanten de bult op moeten fietsen, dus nu Cingle van de Razobbult ;-) . Zie ook de link naar de kaart en het hoogteprofiel beneden (hoogteprofiel ligt een beetje scheef, GPS meldde dieptes beneden NAP toen ik thuis wegreed en EHVN ligt echt op 20m boven NAP. Hoogte aan eind wel goed). Al met al een degelijke tocht: verkeersregelaars bij gevaarlijke oversteekpunten (ook bij treinovergang !), pauze met T, soep, koek, sportdrank, sinaasappel en banaan, goede uitpijling en mooie tracks. Kortom: een 8

    Club des Cingles du Mont Ventoux, 137km 4443 hm door de Kempenstoemper.

    In 1988 hebben een aantal enthousiastelingen een club bedacht waarvan je lid kan worden door de Mont Ventoux te beklimmen via de drie geasfalteerde toegangswegen naar de kale top. In het Frans: Club des Cingles du Mont Ventoux, vrij vertaald de malloten van de kale berg. Veel is er geschreven over deze mythische berg, o.a. een leuk boekje van Wilfried de Jong die op zijn 50ste verjaardag de Ventoux beklom samen met zijn zoon (die in de auto zat) Veel drama heeft zich er afgespeeld: iedereen kent het verhaal van Tommy Simpson. Grote kampioenen hebben er een touretappe gewonnen: Merckx, Pantani. Geen wonder dat deze berg een bijzondere aantrekkingskracht heeft op fietsende oudere mannen tussen de 30 en 50 die (nog) iets willen bewijzen......

    De Kempenstoemper liet verstek gaan op het Alpenbrevet omdat dit midden in de schoolvakanties viel en na een koude winter verzekerd wilde zijn van warm vakantieweer. De Cevennen was daarom het uitgekozen vakantiegebied en het weer was dan ook prima. Aangrenzend aan de Cevennen ligt de Provence en welke berg ligt in dat gebied ?? Inderdaad de Mont Ventoux. Om toch iets te bewijzen op een racefiets in 2010 (de Kempenstoemper is tenslotte ook tussen de 40 en 50 :-)) had de Kempenstoemper voor de vakantie een stempelkaart en framekader aangevraagd voor de Club des Cingles du Mont Ventoux bij Mr. Christian Pic, de President van de club.

    Dinsdag 17 augustus leek een prima dag te worden voor de drie beklimmingen van de Ventoux, geen Mistral wel een beetje warm (30 gr.). Al vroeg uit bed en na 100km aangekomen aangekomen in Bedoin en gestart om 7:35 aan de klassieke klim na eerst een stempeltje in de lokale koffiebar gehaald te hebben. De temperatuur in het bos was prima en (nog) geen vliegen. Bij Chalet Reynard bleek het toch wel flink te waaien (shirtje dicht) maar geen Mistral. Na 1 uur 45 minuten boven en genoten van de relatieve rust daar: er waren een handjevol fietsers en een enkele automobilist. Na het stempeltje in de souveniershop op de top naar Sault afgedaald en daar een koffie aan de bar gepakt en een stempeltje gevraagd.

    De klim vanuit Sault ging best lekker. Bij Chalet Reynard wel ff een colaatje gepakt en bidons bijgevuld want het werd toch wel warm. De wind was wat gaan liggen maar de temperatuur was omhoog geschoten. De laatste 7 km door het maanlandschap bleek het al veel drukker geworden te zijn op de Ventoux, niet alleen met fietsers maar ook met auto's. Op de top was het dan ook een soort circus en na even dit aangekeken te hebben naar Malaucene afgedaald. Deze kant heeft een paar steile stukken waar de snelheid boven de 80 km/h opliep. Dat beloofde wat voor de terugweg.

    In Malaucene eerst maar wat lunchen en de benen eens voelen. De bestelde pasta was echter niet zo smakelijk bij restaurant Bleu Citron (en stempelen kunnen ze ook al niet). Na een 3 kwartier lunch pauze aan de laatste klim begonnen. Of het aan de pasta lag of aan te weing drinken of de temperatuur is niet duidelijk, maar het ging niet meer soepel. Het was elke kilometer vechten en 10 km onder de top waar een paal staat met "volgende km 11%" een korte pauze ingelast en een gelletje en veel water naar binnen gewerkt. Op 5 km onder de top bij het Chalet nog een korte pauze en daarna door voor de laatste km's, die aan deze kant ook de mooiste zijn. Net voor de top nog even de bel gebruikt om nietsvermoedende mensen die breeduit over de weg wandelen te waarschuwen en toen zat het stoempen erop !! Gehaald !! Op de top nog steeds erg druk. Nog even staan praten met een Brit die ook "de Cingle" had gedaan. Hij was eerst in Malaucene begonnen, toen Bedoin en als laatste Sault. Denk dat verstandiger was dan mijn volgorde. Volgens Mr. Pic is de minst zware variant: eerst Bedoin, dan Malaucene en als laatste Sault.

    De afdaling naar Bedoin is na een geslaagde rit dan natuurlijk een feestje. In Bedoin de fiets weer ingeladen en na een colaatje op een terras weer terug naar de Cevennen gereden. Op de camping de stempelkaart gepost en na drie weken thuis de medaille en homologatie voor de Club des Cingles du Mont Ventoux ontvangen: nr 3340.

    het bewijsmateriaal

    Beoordeling:

    Inschrijving voor Club en homologatie goed geregeld, kosten 15 euro (minder dan Alpenbrevet ;-) ) en je kan je dag uitkiezen.
    Route: bekend, asfalt aan Sault kant wat minder rest prima.
    Beoordeling: 8- (minnetje vanwege drukte)

    Alpenbrevet 2010, Meiringen (CH), door de Flying Stoemper.

    Alpenbrevet 2010, the special edition.

    The special edition en wel hierom: allereerst omdat dit jaar de Grimselpas niet in het parcours zat, de reden hiervoor vindt u in het verslag van de steekpenningmeester. Ten tweede : dit zou mijn eerste cyclo worden, hoe speciaal wil je het hebben? Na het maandenlang volgen van trainingsschema’s en een frisse hoogtestage, ook al in het Zwitserse, restte er nog één ding: eten en vooral veel! Daags voor de start begon het culinair festijn met als hoogtepunten de poffertjes de pasta en het gebak. Volkomen volgepropt het bed ingerold, slapen en dromen van wat komen gaat en mooi weer……. De volgende dag wordt er na een stevig ontbijt ingeklikt en een paar minuten later treffen we de Zwarte die al klaar staat in het het startvak. Zoals beloofd is het droog, er heerst een gemoedelijke sfeer. Om kwart voor zeven klinkt het startschot en iedereen rijdt gedisciplineerd weg. De eerste paar kilometer rijd ik met de Vegi en niet al te ver achter ons volgen de andere twee. Vanaf het moment dat we het vlakke verlaten worden we al snel gepasseerd door veel andere fietsers waaronder de steekpenningmeester. Hebben ze last van zenuwen of heb ik misschien toch te weinig getraind? De Zwarte sluit bij ons aan en zo gaat het richting Innertkirchen waar het echte klimwerk begint.

    Al bij het begin van de Susten geeft Martin aan in zijn eigen tempo door te gaan en met Foppe nog in zicht besluit Marcel de jump naar hem te wagen, ik moet hier passen en na een minuut of twintig fiets ik dus alleen. Eigenlijk word ik de eerste anderhalf uur aan alle kanten voorbij gereden, daarna zit ik blijkbaar op de plek waar ik hoor. Inmiddels heb ik een regenjas aan want ook ditmaal hebben de Zwitserse weerkundigen niet goed in hun glazen bol gekeken, niks droog, regen! Bovenop de Sustenpas bidons vullen, wat eten en naar beneden. Het is niet droog maar vergeleken met mijn vorige fietsavontuur in dit land stelt dit niet zoveel voor, had dat dus toch zin gehad. Sterker nog, achteraf zou blijken dat ik vandaag mijn snelheidsrecord ga verbreken. De afdaling is lang en snel,de Gotthard volgt, na de file aan het begin van de klim kom ik in Andermatt langs een verzorgingspost, ik heb net gegeten en rijd door terwijl Foppe net de weg opkomt. Hij heeft een soort van haast, hij moet namelijk een tijdslimiet in Airolo halen en dat ligt aan de andere kant van berg. We rijden stevig maar gecontroleerd door, het is nog best een eind. Met een minibusje achter ons bereiken we de top, mijn bidons zijn leeg, Foppe moet door, het platina roept, pas veel later die dag zien we hem terug.

    De eerste afdaling van de Gotthard begint in de mist, later blijkt de mist een wolk te zijn en de inmiddels welbekende regen vergezelt me tot halverwege het dal. Hier nog geen probleem want mooie schone wegen met goed asfalt later op de keien moet ik toch serieus in de remmen hoewel er nog genoeg deelnemers zijn die hier anders over denken. In het dal rijd ik weer in het zonnetje, ik zie nog net dat de weg naar rechts , afslag platina, wordt afgesloten. Foppe zal het dus wel gehaald hebben, dat is mooi. Ik mag nogmaals d e Gotthard beklimmen, nu van de andere kant over de Tremolastrasse, schijnbaar heel bekend maar voor mij helemaal nieuw. Comfortabel is het niet al die steentjes maar wel erg mooi en omhoog heb je er eigenlijk niet zo’n last van. Al vrij snel word ik voorbijgereden door twee kolossale bovenbenen een wel heel gebruinde fietser in zwart tenue met idem fiets en getooid met een helmcam groet vriendelijk en trapt, zo lijkt het, op het gemakkie omhoog. Hij stopt af en toe om een foto te maken en zo blijft hij eigenlijk tot de top rondjes om me heen rijden. Ik kan er wel om lachen en groet hem maar terug. Thuis meteen maar even zoeken op youtube en ja hoor, meneer Steffebauer heeft een paar mooie filmpjes van het Alpenbrevet 2010 geplaatst. Inmiddels is het aan deze kant van de Gotthard droog en het begin van de afdaling ook, het loopt hier betrekkelijk recht het gaat hard. Dan volgen er haarspelden, remmen maar niet teveel, na bocht twee een harde knal, iemand heeft een klapband, mijn voorwiel begint te slingeren ik ben het dus zelf…Het adrenalineniveau schiet omhoog maar ik kom gelukkig heelhuids aan de kant, viel achteraf best mee. Snel de geklaptre binnenband eraf en de reserve er weer op, na een paar minuten ben ik klaar. Beetje lucht er in en de buitenband kan er ook op, althans dat dacht ik.

    Tijdens het oppompen van de band gebeurt er maar bar weinig, dat ik er juist nu achter moet komen dat ik met een lek reserve-exemplaar onderweg ben. Er zit niets anders op dan wachten op iemand van de organisatie of een medestoemper die me inhaalt, het wordt een official die een nieuwe band voor me regelt, super. Ondanks een oponthoud van een minuut of veertig ga ik opgelucht en een soort van uitgerust verder. Het is nog steeds druk met auto’s in Wassen vandaar dat het laatste stukje dalen in slow motion gaat, dat is jammer. Wat ook jammer is, is dat het langzaamaan ook weer begint te regenen, de regenjas blijft aan voor de laatste klim van de dag. Ik had mezelf van tevoren ten doel gesteld om tussen de 8 ½ en 9 ½ uur te finishen met een maximale uitloop tot tien uur, ondanks die klapbandwas dat laatste nog steeds mogelijk dus zo goed en zo kwaad als het gaat wordt de hartslag weer opgeschroefd. Onderweg naar boven passeer ik er nog aardig wat, dat is dan weer het voordeel van zo’n klapband en goed voor de moraal. Eenmaal boven nog wat eten en snel naar beneden want het weer wordt er niet beter op. Het begin van de afdaling is koud en nat, ik hoop op beter condities verderop, zowaar dit keer heb ik geluk, nog voor de steile haarspelden klaart het op en er ligt een semi-droog stuk asfalt voor me, achter me blijft het grijs. Nu niet meer verslappen dan kan ik de streep droog halen. Ik kom nog slechts twee man tegen tijdens het dalen, ik kan me mooi op hun richten, verder is het behoorlijk uitgedund. Op het laatste hobbeltje kort voor Meiringen word ik op mijn beurt door twee man gepasseerd, aanklampen, mede dankzij deze heren finish ik ruim binnen de tien uur.

    Moe en voldaan keer ik terug naar het appartement waar ik door la feminine word bijgepraat over de prestaties van de rest. De zwarte is na de zilveren editie als eerste teruggekeerd, vegi en de steekpenningmeester rijden nog ergens in de regen voor respectievelijk goud en platina. Het wordt langzaam schemerig, ik neem een bak koffie en ben blij dat het erop zit. Waardering: geen idee hoe andere cyclo’s georganiseerd worden maar deze vond ik prima alleen al omdat het doorging. Voedselvoorziening wat mij betreft erg goed. Asfalt perfect en omdat ik de helft droog heb gereden viel het weer ook nog wel mee. De file bij de Gotthard was jammer evenals portugezen in de afdaling (die stenen dus).

    Wat mij betreft een 9, gewoon omdat ik zo blij ben.

    Alpenbrevet 2010, Meiringen (CH) en Bormio (I), door de Zwarte.

    De Zwarte van Oosterhout was al een dagje eerder naar Meiringen e.o. , standplaats Innertkirchen (even verderop aan de kruising naar Susten en Grimsel) vertrokken in de hoop nog wat te kunnen trainen / acclimatiseren in de bergen. De ervaring leert dat ik altijd wat moeite heb als ik ineens boven de 2000 meter kom (kleine motor zeker). Het plan was idd om op do. de Sustenpass te doen van de andere kant, zodat de punten mee zouden tellen voor het adelaarsklassement… Je moet toch een list verzinnen als er ineens iemand 2 weken eerder een volledig trainingskamp opslaat in Zwitserland. Helaas was het putweer op do., dus dat werd een gezellig dagje carbo-loaden in het mondain aandoende Interlaken. Op de terugweg stond er plotseling een bordje dat de Grimselpass gesloten was……hmmm. En inderdaad…wegens een “massiven Erdrutsch” geen doorgang en gezien het aantal volledige bomen en de bruine kleur van de inmiddels flink aangezwollen rivier die vanaf de Grimsel door Innertkirchen stroomde, kwam dat ook niet snel meer goed. De gevolgen zijn inmiddels beschreven in het verslag van de steekpenningmeester.

    Vrijdag wel beter weer, dus toch maar op de fiets (eigenlijk tegen de gewoonte in om 1 dag van te voren nog wat te doen) en de Sustenpass op. Besloot niet helemaal naar de top te rijden, maar van 600 tot 1600 m. te doen, dus 1000 hm. Volgens de steekpenningmeester een uurtje…..Dat redde ik niet helemaal, omdat de Susten wat onregelmatig loopt en er een aantal km. Bijna vlak in zit. Boven 1200 m hing de wolk nog om de berg, dus regende het iets en was het wegdek nat. Kon ik gelijk mijn nieuwe Schwalbe aqua’s eens goed testen naar beneden….Dat ging voor mijn doen wel redelijk. In ieder geval het idee dat ik wat meer grip had.

    Zaterdag was het dan zover. Op voor de gold tour!. Vanwege de Erdrutsch was het parcours gewijzigd (verslag Steekpenningmeester) en volgens mij stonden er maar 1100 aan de start. Het was nog wel mooi weer en de speaker beloofde ons vol enthousiasme dat we “viel Gluck” hadden en het pas s’avonds mogelijk een bietje zou gaan regenen. We vertrokken idd rustig met maar een enkele idioot die overal langs moest om de trein te halen. Een verademing tov andere drukker bezochte cyclo’s. Na een kwartiertje de sustenpass op. Reed in eerste instantie met de Flying stoemper, maar die liet zich een beetje afzakken om de Vegistoemper ff op te zoeken. Doorgereden naar de steekpenningmeester, die de beste pikstart had gehad en min of meer gezamenlijk naar bovengereden. Op 1500 m. begon het al te regenen en weg was de motivatie! Ben een beetje een mooi-weer-rijder en zeker in de bergen ben ik geen fan van dalen met slecht weer….Bovenop de Susten leek het niet heel erg slecht. De temperatuur was in ieder geval nog wel ok (12 C of zo). Besloot toch maar door te rijden. Ik was bij de ravitaillering echter de steekpenningmeester al kwijt geraakt (die zat inmiddels vóór mij) en door mijn daalcapaciteiten ging ik die ook niet snel meer inhalen. De afdaling was behoorlijk lang. Gelukkig wel goede wegen en niet zoveel bochten. Toch had ik beneden in Wassen de kramp wel in de handen en was ik goed koud geworden. Ik merkte in het volgende klim richting Andermatt gelijk dat de kou me geen goed had gedaan en het toch niet meer zo makkelijk ging als op de Susten. Ook erg druk op deze doorgaande weg. Goed voor je uitkijken en anticiperen.

    In Andermatt was er het keerpunt voor de zilvertoer en ik besloot nadat ik de zwarte wolken verderop had ingeschat dat ik dat dan maar zou doen. Heb daar nog 15 tot 20 min gewacht op de Vegistoemper en de Flying stoemper om evt. gezamenlijk terug te gaan. Maar net voordat ik wilde vertrekken kwam alleen de Vegistoemper eraan. De Flying stoemper was dus al voorbij…waarschijnlijk ook al bij de ravitaillering op de Sustenpas voorbij geglipt. De Vegistoemper ging door voor goud, dus stuurde ik de Moser rechtsaf terug ri. Wassen. De Sustenpass lag nu ineens grootdeels in de mist! Deze kant van de Susten vond ik best lastig. Weinig momenten op ff op adem te komen en ik had natuurlijk al een paar jasjes uitgedaan. Toch nog diverse rijders ingehaald, maar waar ik aan het begin nog 11 a 12 reed, was dat bovenaan gezakt tot 9 a 10 km/h! Bovenop regende het nog steeds….en wat harder dan vanmorgen. Gauw wat water gedrinken en door naar beneden. Laatste deel van de afdaling lag wel droog dus dat ging weer wat sneller. Onderaan nog een beetje doorgereden om onder de psychologische grens (jammer Vegistoemper….) van 7 uur te blijven. En dat lukte, want met 6 uur 57 gefinished. Had ik maar minder hard doorgereden trouwens, want 5 min. Nadat ik gefinished was, kwam de eerste dame van de Gold tour binnen…ene Emma Pooley . Dan had ik die er nog mooi even op kunnen leggen in de sprint…..Ik bedoel, 1 meter 57 en 50 kg (ja, u leest het goed, 50 kg!!!), dat gaat wel goed tegen een berg op maar dat mag in de sprint toch geen probleem zijn voor de zwarte…;-)). Maar…petje af. Er waren maar 2 of 3 mannen ietsje sneller en Emma won een week later nog een wereldbekerwedstrijd vóór Marianne V.

    Beoordeling:

    Organisatie: 10 (normaal een 8,5, maar 1,5 meer vanwege alternatieve route)
    Parcours: 6,5 (vanwege de heen en weer en drukke weg omhoog). Anders wel een 8,5.
    Weer: 4.( kan je natuurlijk nix aan doen, maar schijnt toch wel vaker zo te zijn)
    Wegtoestand: 9.
    Totaal: 7,5.

    7 uur later stonden we, gedouched en gegeten (martin, bas, monique, hilde en ik) gezamenlijk in het donker en in de stromende regen te wachten op onze HELD..die er toch zo aan zou komen….toch??? De klok tikte door en gaf al 14 uur 30 aan. In de verte kwamen er steeds een paar stipjes aan die soms wel erg op onze steekpenningmeester leken, maar het uiteindelijk toch niet waren. Er zaten er volgens de omroeper nog zo’n 12 op het parcours….toen 11,10,9,8,7,6……totdat uiteindelijk de teleurstelling zich van ons (steekpenning)meester maakte toen het sms-je binnenkwam met het bericht dat ie niet meer door mocht…..gestrand op de Susten! Maar wel 7000 hm gemaakt….Respect! of zoals ons aller Denis M. zou zeggen…I think is good performance, no??? (Was Foppe trouwens maar bij dat italiaanse groepje gebleven…die waren nl. de 2 na laatste finishers….)

    Dagje later nog ff wezen wandelen in Grindelwald…..ook mooi. Toevallig was daar ook net een leuk MTB evenement aan de gang: De EigerbikeWeliswaar ook weer regen, maar wellicht wat voor de Kempenstoemper…..

    Bormio

    Na het evenement van het jaar was het tijd voor vakantie. FF door de bergen heen naar Bormio (It). Dat lag toch vlak bij…..We kozen voor een route door de bergen, Sustenpass, Oberalppass, Albulapass, Berninapass en via Tirano naar Bormio….en wat denk je?: 7000 hm! En met de auto was dit al belachelijk ver en veel! Naast het wandelen in omgeving Bormio (is overigens wel goed voor de rode bloedlichaampjes…want je bent dan toch vaak lang (5-6 uur) op hoogte (2400 m), ook twee keer een beroemde berg beklommen met de Moser:

    de Stelvio, oftwel de Cima Coppi (2758 meter) vanuit Bormio (1201 m.) 22 km lang (hoogteverschil 1557 m.), 7% gemiddeld, max 9,5%. Op één na de hoogste pas ooit door mij gefietst (Iseran is net 13 m hoger…). Je krijt maar liefst 39 tornanti (haarspeldbochten) voor je kiezen. Vond het wel zeer de moeite waard. Mooie col. Ligt me ook wel met al die hairpins…Met name de laatste 3 k. zijn lastig, na een stukje vlakker, weer zo’n 9% naar de top, en dat weegt wel door als je al een dik uur bezig bent en op 2500 m. hoogte zit…. Heb er 1 uur 42 min over gedaan (13,0 km/h). Op de top wacht je naast het uitzicht op de mooiste weg van Europa ook een enorm circus, incl. een kapelletje voor Fausto Coppi (heb ik natuurlijk wel ff bezocht). Rustig terug gedaald naar B. Lijkt me wel verstandig om niet zoveel risico te nemen als de eerste dames van de Australische damesploeg die ik in de klim tegenkwam, evenals enkele dagen later toen we over de Stelvio naar huis gingen…..(goede TIP dus voor het as. WK in Geelong Australië). De Australische dames!
    Doe de Stelvio bij voorkeur wel vroeg op de dag. Niet vanwege de warmte, want onderin meestal schaduw en boven niet meer zo heet vanwege de hoogte, maar vanwege de drukte! Af en toe erg smalle weg, met een aantal pikdonkere tunnel(tje)s en HEUL VEUL motoren en Masarati’s die de berg als een circuit van Zandvoort beschouwen….

    Passo di Gavia: 2621 m hoog en klim vanuit Bormio 25 km (hoogteverschil: 1420m.). Enkele dagen later, bij erg mooi weer gefietst. Loopt onregelmatig tot aan Santa Catarina Valfurva (na ca. 10 k.) en ook erg druk met auto’s. Soms reeds ik 10 a 11 km/h en ook weer enkele stukken meer dan 30. Gemiddeld kun je hier wel aardig doorrijden (ca. 18 km/h). Vanaf Santa C. wordt ie eigenlijk pas (echt) mooi. Weg wordt smaller, steiler en meer bochtjes. Om één of andere reden ook veel minder verkeer…gek want de weg stopt niet in S. Catarina. Wat pittige stukken tot 10 a 11% en mooie omgeving. Moeilijkste stuk is net na het hairpin gedeelte zo’n 6 km onder de top. Daarna vlakt het enorm af en kun je nog even de grote plaats steken en langs het meertje scheuren. Op de top een mooie rustige Refugio. Geen circus zoals op Stelvio. Tijd: 1 uur 46 min.(14,2 km/h). En daarmee is de zwarte de vooralsnog enige echte L’uomo di Gavia van stoempersklub!

    Alle lezers krijgen bij deze nog de groeten van Marc Lotz die ik in de refugio tegenkwam, toen hij evenals ik naar de prachtige foto’s van de doorkomsten in de giro (incl die van Johan vd Velde; L’uomo di Gavia 1988) aan het kijken was. Ik herkende Marc trouwens niet meteen, maar dat moet ie ook maar een rabo shirtje aantrekken en niet eentje van de plaatselijke bakker ofzo uit Limburg ;-)). Marc was trouwens bezig aan de Transalp…een mtb webstrijd/tour? voor teams v. 2 personen…en zag er nog immer scherp uit!

    Algemeen: Bormio lijkt heel geschikt als uitvalsbasis voor mooie tochten op de racefiets….maar toch enkele kanttekeningen: weinig mogelijheden tot het maken van een rondje, of het moet gelijk een groot rondje zijn. Dus vaak komt het erop neer: bergop en dan dezelfde weer naar beneden….Veel verkeer op de doorgaande wegen.
    Beklimmingen niet gedaan, maar toch mogelijk direct vanuit: Bormio 2000 (ski-oord), Passo di Foscagno (ri. Livigno, superdrukke weg en L. is vreselijk toeristendorp), Torre di Freale (ri. Meer van Cancano te bereiken vanaf weg naar Foscagno, heel leuke hairpins tot ca. 1900 m., rustig B -weggetje). Maar voor de passo di Foppa (Mortirolo moet je toch ff een stukkie rijden).
    Overnachtingen: legio mogelijkheden. Leuk (oude kern) dorp met voldoende eetgelegenheden, eten is ook erg goedkoop (Pizza ca. 6 euro).

    Alpenbrevet 2010, Meiringen (CH), door de steekpenningmeester.

    Alpenbrevet 2010: Mission Impossible?

    De aangekondigde cyclo Alpenbrevet voor 2010 zit erop! Zoals op onze site reeds was aangegeven zou het weer op de 14e augustus niet zo best zijn (groot deel van de dag regen). Toch waren er op de ochtend van de start circa 1500 deelnemers aan het vertrek. Je kon gaan staan in het vak met de door jou geschatte gemiddelde snelheid. De vier stoempers kozen voor 21 km/u. In tegenstelling tot de bekende cyclo's was het geen dringen en duwen bij de start, maar rustig afwachten tot de neutrale start zich aankondigde. Wellicht helpt het toch dat er geen ranking wordt gemaakt. Ook onze dames hadden de mogelijkheid nog wat foto's te schieten.

    Zoals bekend hadden twee stoempers zich ingeschreven voor gold en de andere twee voor de platin tour. Door de hevige regenval voorafgaand aan de 14e, was de Grimselpas afgesloten (150.000 m3 stenen en aarde op de weg). De organisatie had daarom de route drastisch moeten omgooien om afgelasting te voorkomen. Het eerste deel van de route werd hierdoor: eerst de Süsten en de Gotthard-pas over en dan bij Airolo de "normale" route weer volgen. Voor de zwarte was dit een tegenvaller, omdat het daags voor de tocht deze kant van de Süsten reeds (deels) had beklommen, om zo in aanmerking te komen voor extra punten in het Aderlaarsklassement. Bij de start gaf de organisatie aan dat het die ochtend droog zou blijven, maar dat het in de middag steeds natter zou worden, dus dat leek mee te vallen.

    Om 6.45 uur precies viel het startschot. Met dit soort tochten rijden we individueel, omdat dat bergop het beste werkt. De Süsten vanuit Innertkirchen loopt niet lekker, omdat steeds steilere en vlakkere stukken worden afgewisseld. Na 15 km vielen de eerste druppels en voor dat we boven waren hadden de eerste plensbui op ons dak. Na circa twee uur kwam ik met de zwarte boven. Jasje dicht en naar beneden. Omdat dit de eerste afdaling van het seizoen was en de eerste met de carbon-tube-wielen in de regen, was het eerste stuk aftasten. Maar de combinatie MAVIC carbon met DT Swiss blokken werkte bijzonder goed. Na de afdaling begon de klim van de Gotthard. Omdat er file voor de tunnel stond en het zaterdagochtend in de vakantieperiode was, bedachten veel automobilisten ook over de pas te rijden. Hierdoor was het erg druk en gaf dit hier en daar wat oponthoud. Halverwege de klim was er op het keerpunt van de silber tour en verzorgingspost. Bij het verlaten van deze post reed net de flying stoemper voorbij. Dus met hem doorgereden (de klim loopt overigens mooi) tot op de top. Voor dat we op die top kwamen, was bedacht dat het leuk zou zijn om over de oude steentjes (portugeesjes) omhoog te rijden. Hier had ik al bedacht, dat ik hierover niet terug wilde rijden, maar dan moest ik wel voor 11.15 uur Airolo voorbij zijn. Om circa 11 uur waren we boven en moest ik dus gelijk door terwijl de flying stoemper tijd voor versnapering had. Ik was in Airolo eigenlijk net te laat, maar mocht nog door (wellicht kwam dat door de plensbui die we daar hadden).

    De afdaling naar Biasca (47 km) was droog en heb ik met een groepje Italianen gereden. Tijdens de klim van de Lukmanier begon het te regenen (en werd het niet meer droog). Hier kwam langzaam de noodzaak van een volgwagen naar voren. De temperatuur in Biasca was ca 25 graden, terwijl het op de top een graad of 8 was. Hierdoor bestaat er geen ideale kleding en zul je dus moeten wisselen. Gecombineerd met de vele buien en later de regen is een tas met droge spullen in de auto natuurlijk heerlijk. De klim was lang, maar goed te doen. De afdaling was nat en koud, maar door de snelheid niet over de 50 km/u te laten lopen was het nog te doen. De klim naar Oberalp begon heel geleidelijk, maar eindigde lastig en koud. Het moet hier op een zonnige dag heel mooi zijn. Omdat mijn Garmin maar voor 9 á 10 uur batterijen heeft, stopte hij hier. Het laatste gemiddelde wat ik gezien heb was 21,5 km/uur. De afdaling naar Wassen is mooi kort, maar voor mij veel te koud, dus weer rustig gedaald. Daar werd ik ook ingehaald door collega's met volgauto in winter/regenkleding. In Wassen was ik rond 18 uur. Hierdoor had ik nog ca 2 uur om boven op de Süsten te komen. Dit was redelijk op schema. Deze kant van de Süsten loopt veel constanter dan de andere kant, dus prima om in een ritme te komen. Rond de 1600 m raakte ik zo verkleumd dat ik al begon te bedenken om niet meer 30 km af te dalen, zelfs in de klim was het al lastig mijn stuur vast te houden. Remmen wilde al helemaal niet meer. Rond de 1900 m nog even gestopt om te proberen mijn handen wat op te warmen (maar dat lukte maar te dele). Toen besloten om naar boven door te rijden en daar bij het restaurant te stoppen en me te laten ophalen. Rond acht uur was ik boven (het werd ook eerder dan ik had verwacht schemerig) en wilde de organisatie ook niet dat ik door zou rijden. Ze hadden echter wel voor vervoer naar Meiringen gezorgd.

    De overige stoempers waren inmiddels wel gefinished. De flying- en de vegi stoemper hadden de gold tour afgerond, waarbij de flying stoemper nog had getest hoe je fiets reageert bij een klapband in de afdaling en dat je altijd hele reservebanden mee moet nemen. De zwarte was al eerder afgedraaid en kan de silber tour bijschrijven. Maar goed die zou de week erna nog in Italië gaan klimmen.

    Al met al een goed georganiseerde tocht, het weer is echter van grote invloed. Cijfer 8-.

    Hoogtestage Flying Stoemper 2010 in CH, voorbereiding Alpenbrevet.

    Ter voorbereiding op het Alpenbrevet moest er getraind worden, en veel ook. Na de Grenslandklassieker in mei bleven er nog een paar maanden over om de nodige kilometers te maken. Zo goed en zo kwaad als het ging werden de schema’s gevolgd en daar waar de Zwarte, Vegi en Steekpenningmeester nog wat georganiseerde “klassiekers” reden moest de “vliegende” het alleen doen en zo geschiedde. Om vast in de Zwitserlandstemming te komen werd er afgereisd naar Unterterzen aan de Walensee. Dit jaar was de fietsplanning al ruim voor vertrek klaar; zaterdag, maandag en woensdag fietsen zodat de rest voor rustdag door kon gaan. Zaterdag: de hele dag regen, daar gaat je planning dan, zondag droog, fietsen dus. Warm trappen richting Walenstadt en dan richting Schrina Hochrugg (gemiddeld 11,2% over 7,6 km) dan hebben we dat maar vast gehad. Misschien niet zo’n lange klim, maar wel lekker steil. Mooi rustig weggetje met weinig verkeer en een mooi uitzicht over de Walensee. Hartslag rond het omslagpunt, lager lukte ook niet, en zo tot het einde van de verharde weg. Het begin van de afdaling was door de regen van de dag ervoor nog aardig nat en dus glad, dat kost dus remblokjes….. De tweede helft droog, hier gaat het wat harder. Weer beneden is de vraag wat nu? De planning zei Weesen-Vorder Hohi, maar dat weggetje kon wel eens veel linker zijn dan deze. Gelukkig kwamen daar net twee lokalen met dikke kuiten langsgefietst, ze vroegen hoe goed mijn remmen waren want het was daar toch wel erg steil, ik wist genoeg. Het werd dus links, die kant op ligt namelijk de Flumserberg en die was ook volgens reeds genoemde locals goed te doen. De weg was inderdaad prima,via een paar half verlaten wintersportoorden kwam ik ook hier aan het eind van de verharde weg, snel een bewijsfoto en hop, weer naar beneden. Het weer werd steeds beter en eigenlijk had ik nog wel wat tijd, ik besloot om toch richting Weesen te rijden en daar zou ik dan wel verder zien. De weg naar Weesen was echter wat geaccidenteerder dan verwacht en na twee keer verdwalen en de beklimming van de Kerenzerberg bleek de tijd op, rechtsomkeert dus. ’s Avonds was het aan meteo Suissse om het programma van de dag erop te bepalen, wisselvallig, buien, onbestendig, tja wat moet je ermee.

    Na een goede nacht blijkt het ’s ochtends gewoon droog te zijn en bepaalt meteo Natasja dat ik het beste kan gaan fietsen, ok. Ik word keurig met de auto een paar km voor het Netstal afgezet om daarvandaan in te rijden naar Netstal en dan is het meteen goed omhoog richting Klontal. Bij de Klontalersee is het een paar km vlak en je waant je in een of ander promotiefilmpje voor Zwitserland, zo mooi. Al snel maken dit soort ideeen plaats voor hele andere wanneer er voor me in de berm een bord verschijnt met de volgende tekst: 18%! Ik probeer maar een beetje op reserve verder te gaan voor zover dat kan, in de hoop dat ik zo nog een paar hartslagen over heb voor dat nog steilere stuk. Eenmaal boven kan ik alleen maar bedenken dat ik of wel heel goed ben of dat die 18% aan de andere kant van de pas liggen, thuis blijkt het laatste het geval. Hoe dan ook, het begint langzaamaan te regenen dus wederom met de rem erop naar beneden, hier en daar nog even stoppen voor een plaatje en zo snel als de regen kwam, zo snel was hij ook weer weg, gelukkig we doen nog een stukkie. Het is licht bergaf naar Weesen zo kan ik mooi verder herstellen,dat is nodig want in de verte zie ik een tunnel die voor mijn gevoel bijna verticaal omhoog loopt en daar moet ik dus doorheen. In Weesen volg ik de borden richting Amden en daar blijkt dat de weg naar de tunnel nog veel steiler is maar goed, wie A zegt…. Inmiddels regent het en ook nu kort maar wel hevig. Bij de VVV in Amden nog even de bidons gevuld en nu is het richting Arvenbuel, nog 4 km en ik ben er, de weg naar Vorder Hohi, laat ik (letterlijk) links liggen, dat moet maar een andere keer. Het begin van de afdaling is alweer met de rem erop maar de tunnel is gelukkig droog, langs het water naar huis en zo lig ik weer helemaal op schema. Dinsdag rustdag.

    De weersvoorspelling voor woensdag: 22 graden, droog met zon. Volgens plan vertrek ik iets voor tienen vanuit Linthal om de Klausenpass van beide kanten te beklimmen en dan vanuit Linthal weer terug naar Unterterzen. De eerste haarspelden zitten al aan het begin, prachtig met de oude keien in de bochten,iets verderop alleen nog asfalt, niet het beste van Zwitserland, maar daar wordt aan gewerkt. Ook hier is het niet druk, genieten geblazen , de gletscher in de verte ligt fraai in de zon, hoog terrein dus. Na een vlak stuk gaat het weer gestaag omhoog, maar het blijft goed te doen, af en toe passeert er een motorrijder en ook de nodige fietsers kom je hier tegen. Bovenop een fotootje, even wat eten en dan naar beneden. De weg naar Altdorf wordt vanaf de top de eerste paar km geflankeerd door een hek met daarnaast… inderdaad niks, goed opletten hier, vanaf ongeveer halverwege wordt de weg breder en kan je lekker naar beneden raggen. In Altdorf nog snel een toeristisch rondje voordat ik de terugweg begin. Aan het begin van de klim voel ik wat spetters, door al het blauw aan de hemel verschijnt hier een daar een grijze pluk maar het is al snel weer droog, niks aan de hand. Ondanks de iets steilere stukken is de Klausenpass ook vanaf deze kant goed te doen, ik kom voor schema weer op de top waar het nu toch serieus is gaan regenen. Als ik het dal aan de andere kant inkijk, wordt alles duidelijk: de lucht wordt vanaf die kant tegen de berg opgedrukt, terug moet er door een wolk gefietst worden, met dank aan de Zwitserse weermannen. Het is nat, koud en daarbij is het zicht ook nog minimaal. Een paar honderd meter lager kom ik uit de wolk en merk ik pas echt hoe koud ik het heb,wanneer ik probeer aan te zetten op een iets vlakker stuk willen de benen niet echt en mijn voeten voelen als klompjes, ook heb ik blijkbaar zo hard lopen remmen dat mijn nek verkrampt is. Het zicht wordt nu snel beter, droog zou het echter niet meer worden. Half verkleumd kom ik in Linthal aan, een dame, die dit blijkbaar vaker heeft gedaan knalt ervandoor en ik besluit dat dan ook maar te doen, het werkt, een kwartier later begin ik te ontdooien en met frisse moed wordt aan het laatste stuk begonnen. De regen voelt inmiddels lauw aan en na een half uurtje fiets ik de Kerenzerberg van de westkant op, Eenmaal aangekomen volgt een lange warme douche, een ervaring rijker, dat wel maar ik geloof niet dat fietsen zo bedoeld is.

    Hoe dan ook, ondanks de Zwitserse meteo, toch een 8½.

    S de punten van cyclingcols.com
    Walenstadtberg 987
    Flumserberg 832
    Kerenzerberg 155+178= 333
    Netstal-Pragelpass 765
    Weesen-Arvenbuel 906
    Klausenpass 905+1064=1969
    Totaal 5792

    En hier staan de plaatjes.

    Omloop Math Salden, 210 km met 2100 hoogtemeters, door de Zwarte van Oosterhout.

    27 juni 2010: Nederlands kampoenschap op de weg en....Omloop Math Salden. Het is dit jaar wat mager gesteld met gezamelijke deelnames aan de toertochten bij de stoempersklub. Je zou bijna denken dat de stoempers in onmin met elkaar leven....ook vandaag maar 1 stoemper aan de start van de Omloop Math Salden. De zwarte van oosterhout was om 8 uur toch paraat voor de 210 km. De tocht start in Limbricht, vlakbij de het hoofdkantoor van de sponsor. Vandaar dat eerst een uurtje op relatief vlak terrein naar de heuvelzone gefietst moet worden. Eigenlijk niet zo gek. Lekker een beetje rustig warmdraaien en goed voor het moyenne. Dat warmdraaien hoeft vandaag eigenlijk niet, want de condities zijn niet mals: graadje of 32 en strakblauwe hemel....Daarom maar een beetje doorgereden in de ochtend, bij mildere temperaturen. Vanwege het NK parcours loopt de aanloop iets anders als normaal, maar na een uurtje of 2 komen de bekende heuvels in zicht. Het echte werk begint met de Cauberg. Daarna een tijdje vrij vlak over het plateau van Margraten gedraaid, totdat de Doode Man weg vanuit Stokkem op het programma staat. Door de vlotte start heb ik die in ieder geval voor de ergst hitte gehad!

    Na de middag wordt het echt (te) warm en twijfel ik bij een splitsing 150 - 210 of ik niet een stukje af moet steken. Waar het misschien wel verstandiger zou zijn, wint toch het stemmetje dat zegt dat ik toch echt een keer over die 200 km moet voor het Alpenbrevet....Ik kies dus toch steeds voor de 210 lusjes en bedwing onder meer Camerig, wat puisten in België, Eyserbosweg, Kruisberg en de altijd vervelende oude Huls. Het strakke begintempo is er inmiddels bewust en onbewust trouwens wel af. Uiteindelijk geeft de teller 190 km aan bij de Fromberg, tevens de laatste verzorgingspost. Na nog een keertje bijgetankt te hebben volgt nog het laatste vlakkere stuk terug naar Limbricht, waar ik na 7 uur en 50 minuten arriveer. (PS: de profs deden iets verderop over 206 km NK parcours iets meer dan 5 uur...)

    de punten:
    parcours: 9 veel (leuke binnendoor) weggetjes bekend uit Gold Race, maar veel rustiger door veel minder deelnemers.
    prijs: 6 euro is Okee.
    verzorging: 7: voldoende waterposten, zelfs 1 extra op het juiste punt; maar (te) weinig eten of soep.
    Minpunt: de stempelpost bij Slenaken waar je eerst 50 meter door het grind naar toe moet lopen om te stempelen! wielrenschoenen zijn niet om mee te wandelen: 1/2 punt eraf dus.
    opmerking: evenals 2 jaar geleden is er een goede parkeervoorziening voor 1 eurootje, bewaakt: MAAR WEDEROM WAS MEN NET ALS 2 JAAR GELEDEN VERDWENEN BIJ VERTREK. NIX BEWAAKT DUS! ook min 1/2 punt.
    totaal: 7 (8 min 1).

    Tip: Misschien kan er ook eens een kaartje komen met de namen van de heuvels en hoogteprofielen. Om alsvast een voorschot te nemen: de zwarte heeft met de GPS: 2100 hm geklokt en de 210 km track is via het kompasje te downloaden.

    En hier staan de plaatjes.

    OMS2010

    Raid de Hautes Fagnes te Malmedy (B) op 13 juni 2010, 65 km met 1700hm (of 2374 ??).

    Verslag van de Kempenstoemper

    Een van de eerste pluspunten die genoemd mag worden is de schappelijke startijd van deze mountainbikemarathon. De 65 km uitvoering start pas om 10:00 en dit jaar zelfs een half uur later vanwege de Belgische verkiezingen (in Belgie is er stemplicht dus de organisatie gaf eenieder de gelegenheid nog even te gaan stemmen). Dat betekende uitslapen voor de Kempenstoemper en medestoemper Rolf, want Malmedy is ong 1,5 uur rijden vanaf Eindhoven. Aangekomen werd de inschrijving vlot afgehandeld. Binnen 5 minuten stonden we beide met een stuurbord met tijdchip, twee bidons en een t-shirt weer buiten. Na nog wat van de ochtendzon te hebben genoten in de captainchairs van de luxueuze camper waarmee we waren, werd er richting startvak gerold waar we net voor 10:30 werden weggestart.

    Na 300m lag daar de eerste klim, een royale 15 to 20% die halverwege overging van asfalt naar stenen. Hier werden al flinke verschillen gemaakt en de snelle mannen konden makkelijk passeren en daarna eigen tempo rijden (tweede pluspunt). Het was vervolgens alleen maar op en af over vnl. onverharde paden met stijgingspercentages tot 19% gemiddeld (!). De granny gear is dan ook gebruikt... Na 1,5 uur de eerste verzorgingspost van de vier (3de pluspunt), rijkelijk voorzien van allerlei koolhydraatrijk vast en vloeibaar materiaal (alle posten waren zeer goed voorzien van eten en drinken overigens). Enige tegenvaller was dat we daar pas 17km hadden gereden... Naar boven ging niet snel vanwege de stijgingspercentages, naar beneden ging ook niet snel maar dan vanwege de negatieve hellingspercentages. De steilste was, schat ik wel 40% !! De geur van loeihete schijfremmen ken ik nu..... Gemiddelde snelheid was uiteindelijk 13km/h. Na de tweede rustpost volgde er een passage door de echte hoge venen. Helaas had het de dag tevoren flink geregend (zie verslag Steekpenningmeester) en was het een grote blubberbende (beetje jammer). Daarna volgde weer de bekende hellingen tot aan/rond Malmedy met een mooie derde post bij een kasteel. Fietsmaat Rolf kwam hier dik 15 minuten later boven dan de Kempenstoemper maar had een aanlopende achterrem opgelopen bij een uit de hand gelopen supersteile afdaling waarbij hij zijn vege lijf wist te redden door een berkenboompje te grijpen en de fiets, de fiets te laten.

    Gelukkig was er een reparateur daar aanwezig en kon hij verder zonder aanlopende rem. Vanaf het kasteel was het nog 16km en na nog wat water- en looppassages kwam Malmedy weer in zicht. Net binnen de vijf uur trok de Kempenstoemper aan de (hete) schijfremmen over de finish en Rolf was een vijftien minuten later ook binnen. Na wat gratis Aquarius sportdrank na de finish, gepoogd de bike wat schoon te krijgen en daarna de ledematen... want beiden waren we lichtbruin van de modder (ben bang dat het shirt niet meer schoon wordt :-( ). Over de finish de GPS geraadpleegd en die gaf een ruime 60km met 2374hm aan. Door de organisatie was opgegeven 1700hm maar alleen de lange hellingen hadden genummerde borden van ze gekregen. Na de laatste helling (nr. 1) moest er toch bijvoorbeeld nog twee keer een puist opgereden worden maar die telden blijkbaar niet volgens de organistie, dus vandaar misschien het verschil.

    Beoordeling tocht: supertechnisch, met als nadeel looppassages want te moeilijk/gevaarlijk voor gewone stervelingen. Omgeving is prachtig, steile klimmen en dito afdalingen (zorg dat materiaal goed schakelt en remt !), prima organisatie (kruispunten door Gendarmerie afgezet), lage kosten voor wedstrijd (20 euro). Totaal 9 punten (als alles te fietsen was geweest had ik een 10 gegeven).

    Jean Nelissen Classic te Vianden (L) op 12 juni 2010, 220 km met 4400hm.

    Verslag van de steekpenningmeester

    Zaterdag de 12e juni was het zover: de steekpenningmeester stond aan het vertrek voor de zwaarste toertocht van de Benelux. Geen één andere stoemper durfde het aan, de flying stoemper had nog even gedreigd, maar was met een laffe smoes over de reisafstand (?) afgehaakt. Gelukkig had de steekpenningmeester een werkcollega, Martijn, bereid gevonden ook naar Luxemburg af te reizen. Door omstandigheden konden we pas om 8.20 uur van start (de start was tussen 7.00 en 8.00 uur dank aan de organisatie dat we nog weg mochten! Echter wel met de opmerking dat we voor 14.00 uur de eerste ronde moesten hebben volbracht). De eerste ronde was 135 km dus dat leek geen probleem. Maar de illustere namen als bv Rampe de Putscheid, sommet de Marnach, Saut de Kim Kirchen, Pic de Hoesdorf en Col de Marxberg deden vermoeden dat we redelijk door moesten rijden. Het bleek dat Martijn en de steekpenningmeester elkaar aardig in evenwicht hielden, alleen moest de steekpenningmeester hem wel in bedwang houden (dat heb je met die jonge honden). Martijn is in voorbereiding voor de Marmotte dit bleek een mooie stok achter de deur.

    Na circa 50 km kwamen we bij de eerste uitgebreide en goed verzorgde ravitaillering, prima! In de tweede lus die middag zouden we nogmaals langskomen. Met een gemiddelde van 23 km/u op de teller zagen we dat het niet ruim zou worden om 14.00 uur te gaan halen. De klimmen lagen er goed bij en behoudens één afdaling waren die ook uitstekend.De tweede stop was kort omdat op die plaats werd aangegeven dat de 14.00 uur strak zou worden gehandhaafd (en we hadden nog anderhalf uur voor deze ruim 35 km). De laatste klimmetjes moest dus worden aangezet en 3 minuten voor twee kon de passage stempel op de startkaart worden bijgezet (het gemiddelde was inmiddels iets geklommen naar 24 km/u).

    Om 14.00 uur werd gestart voor de tweede lus van 85 km. Waarbij Montée Charly Gaul, Pente Frank Schleck en Versant Andy Schleck deden vermoeden dat deze ronde niet eenvoudiger zou zijn. Dan vergeten we nog te noemen dat het venijn in de staart zit: Mur de Vianden (max 23%). Ondertussen viel op dat de wegen in Luxemburg uitgestorven zijn: vreselijk autoluw!! Een verademing met bv Italië of ook Nederland. In de loop van de middag begon het te regenen en het werd kouder, maar berg op is dat niet zo erg, maar we waren steeds blij dat we beneden waren.

    Na 170 km begon de vermoeidheid een beetje toeslaan, vooral door de wetenschap de de Mur er nog aankwam, maar het werd droger en de klimmetjes waren bijna op (het eten bij de laatste ravitaillering echter ook (minpuntje)). Dus nadat Martijn een aantal keren op de klim was weggereden, reed de steekpenningmeester op de Mur vooraan! Op het 23% moest je blijven staan: het was zo stijl dat je niet kon gaan zitten want dan kwam je voorwiel omhoog. Maar we kwamen boven. De afdaling door het hobbelige oude centrum van Vianden was een eitje en om 18.30 uur konden we de eindstempel halen. 220 km met ca 4400 hm is inderdaad veel en zonder training is het advies: thuisblijven of een kortere afstand kiezen.

    Waardering: 9

    Trainingslager Moezel, 28 t/m 31 mei 2010

    Ter voorbereiding op het Alpenbrevet in Zwitserland had de zwarte een trainingskamp in de Duitse Eifel/Moezel georganiseerd. Helaas nam er maar 1 deelnemer Alpenbrevet deel: de zwarte zelf. Met de kempenstoemper+familie, Wessel en Jeroen werd afgereisd naar Leiwen. Op dag 1 werd door kwartiermakers Jeroen en de zwarte alvast een rondje gereden richting Hundsruck. In ca. 2 uur werd zo'n 800 hm gedaan. Opvallend was dat de wegen niet zo mooi als voorheen waren....zeker ook een strenge winter geweest hier. Doordat ons onderkomen, in zo'n "prachtig" Landalpark, boven op de heuvel lag, kon er elke dag op het eind ff flink aan de boom geschud worden op de laatste klim van de dag.

    Op dag 2 was er mooi weer voorspeld en werd vertrokken voor een flinke rit van een uurtje of 5, richting Moezel. Heuvelop, heuvelaf. Per heuvel zit er toch zo'n 200 tot 300 m. hoogteverschil. Begonnen met een weggetje dat niet op de kaart stond, maar wel op de GPS, en werd vervolgens via Klausen naar Piesport gekoerst. Eindelijk een mooie afdaling met goed asfalt! Vervolgens via een klim en afdaling naar Wintrich. Tijd voor koffie mit Apfelstrudel. Jeroen vond het daarna wel mooi geweest en ging weer retour richting Leiwen. Na Wintrich werd Bernkastel Kues aangedaan om via de noordzijde v.d. Moezel weer richting Piesport te fietsen. Nu de afdaling in omgekeerde volgorde gedaan en via Klausen weer richting "huis". Al met al 120 km met zo'n 1900 hm.

    Dag 3: Happy Mosel! 1 keer per jaar zitten de lokalen op een fiets en rijden van Bierstube naar Bierstube, langs de Moezel. Dat was dus net vandaag! Waar we eerder dachten dat dit wat onhandig voor ons zou zijn, bleek het juist een voordeel. De Moezel was volledig afgesloten voor auto's, dus de verbindingsstukken langs de Moezel konden we over de grote weg. Helaas wat slechter weer dan dag 2, dus ook wat kortere rit gemaakt, dan gepland. Langs Moezel naar Piesport. Daar omhoog en weer naar beneden. Daarna via andere kant de Piesport helling nog eens opgereden en weer terug naar huis. Op de huisklim, de kempenstoemper's laatste helling, werd er nog even flink gas gegeven......Wessel kon het nog een tijdje volgen, maar net niet helemaal. De zwarte was allang afgehaakt met 3 koersdagen in de benen. Totaal zo'n 60 km en 900 hm.

    Dag 4. Solotocht van de zwarte. De kempenstoemper en Wessel waren al naar huis en Jeroen was uitgefietst. Dus maar ff voor vertrek nog een rondje van 2,5 uur gemaakt. combinatie van voorgaande dagen zodat er niet heel vaak op de kaart gekeken moest worden. ca. 65 km en 1200 hm.

    Beoordeling:
    Uitvalbasis: 7½ (dichtbij NL (3-4 uur) en goed onderkomen voor een groep, niet supergezellig maar best okee).
    fietsmogelijkheden: 8: veel hellingen dichtbij elkaar met percentages van 5 tot 12%, hoogteverschil Moezelhellingen tot 250m., normaliter goede wegen, niet druk met auto's (en die zijn over het algemeen vrij hoffelijk t.a.v. fietsers). Volgende keer nog maar eens verder naar de Hundsruck (op de kaart waren de hellingen daar zelfs tot 700-800 m.).
    horeca / uit eten: 8 (decent stuff en een stuk betaalbaarder dan in NL)
    weer: 6-8.
    wegen: 5-8.
    totaalscore: 7½.

    Verslag Grenslandklassieker te Geleen, 16 mei 2010, 210km met 2500hm door de flying stoemper

    Het is 16 mei, vandaag staat de grenslandklassieker op het programma. Helaas moeten twee stoempers verstek laten gaan (stoemper Jeroen en de Zwarte van Oosterhout, red.), desondanks staan er vier blije fietstoeristen in een rood shirt om acht uur klaar voor de start in Geleen.

    De steekpenningmeester en de flying stoemper gaan op herhaling, voor de vegi- en de Kempenstoemper is deze tocht nieuw. De grenslanklassieker is dit jaar twee weken later georganiseerd dan voorgaande versies om gelijkloop met de Shimano fietschallenge te vermijden, gelukkig hebben de lokale wandel- alsmede de foute autoclub ook een evenement staan deze dag zodat het eerste uur het nodige van de stuurmanskunsten wordt gevraagd. De eerste heuvels verdwijnen achter ons , de zon schijnt, het tempo zit er lekker in. Groepjes fietsers worden ingehaald of halen ons in op weg naar de eerste verzorgingspost. Bij het stuwmeer van Eupen worden de bidons gevuld en al snel zijn we weer onderweg. Een lange relatief lichte klim volgt, door de Hoge Venen koersen we richting de Eifel. Hier aangekomen is het met hoge snelheid slingerend naar beneden, de steekpenningmeester klokt hier een top van boven de 75 km/u. Na zo’n afdaling volgt het onvermijdelijke klimmen, op naar de volgende stop. De wegen door de Eifel zijn zo mooi dat we ze moeten delen met motorrijders en oldtimerautoclubs desalniettemin zeker de moeite waard. De kilometers tikken weg en de pasgevulde bidons raken langzaamaan weer leeg, het asfalt varieert tussen goed en slecht oftewel we rijden op de grens van Duitsland met Belgie. Bij Aken volgt nog een lelijke hobbel, het beste is er inmiddels wel af maar bij de vierde en laatste stop wacht ons vlaai en met die gedachte harken we verder. Bij kilometer honderdentachtig is het dan zover, de vlaai smaakt prima en dit jaar is er ruim voldoende.

    Bij de verzorgingsposten komen we een paar groepjes tegen die eigenlijk de hele dag om ons heen rijden, blijkbaar kan je zo’n tocht ook intervallen, zo richting het einde lijken ze verstandig en sluiten ze of achter bij ons aan of ze “wachten nog even” voor ze vertrekken. In de laatste dertig kilometer rollen nog een paar korte heuveltjes onder ons door en in de verte zijn de contouren van Geleen te zien. Plotseling zet de Kempenstoemper aan waarop de steekpenningmeester hier weer overheen knalt, ook de flying kan zich niet beheersen en het tempo schiet hierdoor de laatste vijf kilometer omhoog. Binnen de bebouwde kom van Geleen wordt er getemporiseerd, rustig uitfietsen naar de parkeerplaats, na 211 km en 2500 hm is het gedaan. Met een voldaan gevoel de auto in, wie weet tot volgend jaar misschien.

    Dan de beoordeling nog: vorig jaar kreeg deze tocht een zeven, dit keer een punt aftrek wegens slecht onderhoud aan de weg na de winter maar plus twee punten want deze keer wel vlaai!

    Totaal : een acht.

    Verslag Twan Poels Klimclassic te Gennep, 25 april 2010, 140km door stoempers Wessel en Marcel

    Op deze mooie zondag gingen de Stoempers Marcel en Wessel op pad om de 140 km lange tocht te rijden. Vorig jaar hebben we deze tocht ook al gereden maar toen met 4 man. Deze keer was uit de wind rijden dus eigenlijk niet aan de orde. Eerst waren de heuvels rond Berg en Dal en Groesbeek aan de beurt om bedwongen te worden. Hierbij kwamen wij tot de ontdekking dat oudere mannen met te grote zadeltassen niet per definitie langzaam naar boven rijden…..Eentje met een 60 liter formaat gaf ons in Groesbeek wel het nakijken…….Was even sllikken, maar ach het was nog vroeg.

    Na de heuvels in Rijk van Nijmegen soepeltjes te hebben genomen was het tijd om richting Duitsland te koersen. Opvallend was dat na de splitsing van de 2 langste afstanden van de rest, het opvallend rustig op het parcours werd en door ons eigenlijk alleen nog maar eenlingen werden ingehaald. De Duitse heuvels werden redelijk gemakkelijk genomen en smaakte de welbekende “ Torte” in het centrum van Kalkar ons opperbest… Hierna was het nog 50 km tot de finish. We trokken in het slotstuk nog even flink door over de heuvelige Kartenspielerweg, waar we nog een paar bekende “ zadeltassen “ voorbij reden. Ditmaal hadden zij het nakijken………Uiteindelijk lukte het ons de 140 km af te ronden met een gemiddelde van 28 km per uur, dus in vijf uurtjes fietstijd !! Niet gek, dachten wij…

    Samenvattend een mooie tocht op een prachtige dag die algeheel het cijfer 8 meer dan waard is !!!

    Groeten van Stoempers Marcel en Wessel

    28e Klimmen - Banneux - Klimmen, 25 april 2010, WTC Klimmen, 140km door de Vegistoemper.

    Omdat de AmstelGoldrace een week eerder al binnen een kwartier was volgeboekt, heeft de Vegistoemper met zijn eensperjaargelegenheidsfietsclubje gekozen voor een naar later bleek een meer dan uitstekend alternatief: Klimmen - Banneux - Klimmen. Hoe comfortabel kan het meedoen aan een toertocht soms zijn. Parkeren op 150 m van de start. Gratis. Inschrijven kan gewoon nog vlak voor het weggaan voor een schappelijke 8 euro (het lunchpakket is inbegrepen). En zelfs het weer liet zich van haar goede kant zien. Maar de vegistoemper is niet anders gewend als hij aan de start staat. Zelfs de vroege start om 07.45 uur 's-ochtends kon de moraal niet drukken.

    Achteraf blijkt de tocht om 09.30 uur dan toch uitverkocht te zijn, wanneer met 3.516 deelnemers alle lunchpakketten vergeven waren. KBK is een en al draaien en keren en kent geen vlakke stukken. Vooral de kleinere wegen worden aangedaan, wat met het relatief kleine aantal deelnemers ook goed te doen is en nooit tot opstoppingen leidt. Het grootste deel van de tocht gaat door de prachtige Voerstreek en in het zuidelijkste puntje voel je de Ardennen goed in de benen: de steilste en pittigste klim volgt na de middagpauze in het Bedevaartplaatsje annex parkeerplaats Banneux. Grote delen van de wegen in Wallonië zijn niet al te best en vereisen goede concentratie en stuurmanskunst. Maar ook hier maakt de omgeving en de relatieve rust veel goed. Door wegwerkzaamheden was de Cornesse uit de route gehaald en is de Eysebosweg als toetje in het program opgenomen. Voorafgaand aan deze klim was de verleiding groot om in Gulpen nog een dagsoepje te halen. Hier hebben we van afgezien, omdat we graag voor het donker thuis wilde zijn.

    Met 140 km en 2.000 hm was KBK een prachtige tocht, een heel goede training en voor herhaling vatbaar.

    De cijfers:
    Route: 8+
    Pijlen: 8
    Sfeer: 8
    Wegen Belgie: 5
    Wegen gemiddeld: 7
    Totaal: 8

    Heuvelentocht Twello, ETT Twello, 75km door de Kempenstoemper.

    Om 9:30 was het depart gepland, echter door fileleed werd het iets later. Maar 75 km voor de boeg vandaag wat door sommigen gecompenseerd werd door eea bij te stoempen voor en/of na de rit. Met 7 stoempers was het een goede opkomst voor de stoempersklub.com. De organisatie had in totaal zo'n 500 inschrijvingen, een mooie opbrengst voor de clubkas van ett twello. Na een omloopje door de uiterwaarden van de Ijssel werd onderaan de Lange Juffer afgedraaid naar Loenen waar koffie met gebak werd genuttigd bij de eerste controlepost. Vervolgens via de Loenermark, waar wat gedold werd met de jongens van Puzzelsport Sanders (sponsor van eea triathonclub), weer richting Apeldoorn gekoerst waar de tweede controle post stond. Dit keer sportdrank en een biscuit van de organisatie. En het felbegeerde stempeltje natuurlijk. Daarna tegen de wind terugstoempen naar Twello. Onderweg de dames van Puzzelsport Sanders in de bus meegenomen (de mannen waren eruit gemuisd...). Na 75 km met de hele groep weer terug bij het sportpark in Twello. Al met al een prima tocht, parcours is al jarenlang hetzelfde maar in een groep is dat geen probleem.

    Beoordeling: tocht 7 punten, uitpijling prima + gemoedelijke sfeer = 0.5 punt extra. Totaal 7.5 punten

    trektocht door Zuid-Afrika, 800km door de Vegistoemper.

    Fietsen in Zuid Afrika, 28 januari – 15 februari 2010

    Na twee keer Cuba in 2005 en 2007 was het nu de hoogste tijd om een ander continent per fiets te verkennen. Bij de keuze voor welk land het dan moest worden speelde comfort een niet onbelangrijke rol. Een beetje afzien was natuurlijk geen probleem, maar lekker fietsweer, goede wegen, rustig verkeer, lekker eten en een goed bed waren toch wel vereisten. Zo kwamen Monica en ik uit op de Garden Route in Zuid Afrika: een bekende route langs de zuidkust tussen Cape Town en Port Elizabeth, die vooral per automobiel, motorfiets, of touringcar wordt afgelegd. Maar wij wilden de route wel testen op de fiets.

    Goed voorbereid met wegenkaart, lonely planet, onze fietsen met elk twee fietstassen (elke keer minder volgeladen, maar altijd nog veel te veel mee) en beloftes dat we zouden oppassen in het misschien wel gevaarlijke Zuid Afrika vlogen we op 14 februari per comfortabele KLM vlucht naar Cape Town de zomer tegemoet.

    De eerste drie dagen hebben we geacclimatiseerd in het prachtige en westers aandoende Cape Town. Het fantastisch weer en de vele bezienswaardigheden (het indrukwekkende Robbeneiland, de Tafelberg, Cape of Good Hope, het spiksplinternieuwe WK stadion The Teacup) maakten dat we ons snel op ons gemak voelden. En wat fantastisch om zeerobben en pinguins live in het wild te zien zonnen en bavianen rond te zien rennen. En al die bloemenpracht. De zonsondergang op Lions Head, met een fabuleus uitzicht over stad en zee, was een uitstekend excuus om een eerste voorzichtig fietstochtje van 12 kilometer te maken. Onze eerste blind date, een eetafspraak met de neef van een loopmaatje van Monica – een professor aan de Universiteit van Kaapstad, was een vrolijke belevenis. De eerste dagen waren vol, indrukwekkend en beloofde veel goeds voor de rest van de trip.

    Zondag 31 januari vertrokken we per trein (!) naar Stellenbosch; we hadden immers beloofd niet door Townships te fietsen. In Stellenbosch hadden we een blind date logeeradres: we sliepen bij vrienden van bekenden van bekenden in een mooi groot huis. Maandag 1 februari begon dan het echte werk: via de wijngebieden van Stellenbosch en Franschhoek bestond het eerste deel van de fietsvakantie door de Little Karoo (Karoo = droogte) gefietst. We deden dat via Route 62, een prachtige route, zo’n 50-100 km ten noorden van de kustlijn. Route 62 is een relatief rustige asfaltweg met grotendeels een ‘shoulder’ (vluchtstrook) waar we veilig konden rijden. Ook hebben we meerdere keren de gebaande paden verlaten om de nog rustiger ‘gravel roads’ uit te checken. We fietsten elke dag tussen de 60 en 90 kilometer over glooiend terrein en in de meeste plaatsen was er een keur aan B&B’s met uitstekende ravitaillering. Een enkele keer was er niet veel keus, maar wel een fantastisch onderkomen, zonder electriciteit in Van Wyksdorp (check www.watermillfarm.co.za). We waren met weinig heel tevreden en vergaapten ons aan de rust, de prachtige vogels en bloemen en de onmetelijke sterrenhemel en melkweg als de zon onder was.

    De temperatuur werd in de woenstijnachtige Little Karoo onze grote tegenstander. 6 uur wegrijden was het beste devies. Na 9 uur ’s-ochtends zou in Nederland al een weeralarm zijn afgekondigd en tussen 13 en 14 uur was het wel zaak een onderkomen gevonden te hebben. De tocht van Van Wyksdorp via de Rooibergpass naar Calitzdorp was zwaar vanwege de warmte (het voelde als fietsen in een luchtstroom van een hete föhn op vol vermogen) en werd extra zwaar door een gebroken spaak aan de casettekant van het achterwiel van Monica met steeds grotere slag in haar achterwiel en twee lekke banden bij Martin (beginnersfoutje om een band te plakken?). Maar eenmaal in het onderkomen in het struisvogeldorp Calitzdorp (Portwine guesthouse) was het leed al weer snel verdwenen. En een heel behulpzame selfmade fietser / sleutelaar Reggie maakte ons helemaal blij. Monica kreeg een racewiel te leen en het kapotte wiel werd vooruit naar het 40 km verderop gelegen Oudtshoorn gebracht om gerepareerd te worden. Het racewiel konden we daar achterlaten: de moeder van Reggie kwam daar toch eens per week. Leuk ook: een riem en boomtak is voldoende om goed aan een fiets te kunnen sleutelen.

    Na de eerste week fietsen zijn we in zuidelijke richting afgezakt naar de Indische Oceaan. Hier was de temperatuur met 25 graden heel aangenaam. Een mooi hostel aan zee, genieten van een welverdiend biertje en bijtanken voor de volgende dag die begon met een duivels klimmetje met steile stukken van 20%. Via de Seven Passes zijn we via het achterland naar Knysna gereden. De eigenlijke Gardenroute loopt vanaf George via de kust in oostelijke richting, maar bestaat uit louter snelweg waar veel aan gewerkt wordt en veel te druk is om lekker te fietsen. In de omgeving van Knysna waren veel bosbranden, waar we er ook de volgende dagen nog veel van zouden zien. Water is schaars in dit gebied waar de ergste hitte sinds 150 jaar heerste. Het vuur had dan ook vrij spel met de harde wind, droge rivierbeddingen en een uitgedroogd landschap.

    Bakkierent met chauffeur Juicy, die ons de beginselen van Xhosa bijbracht, reed ons over de Prince Albert Pass naar het plaatsje Avontuur aan de Route 62. En na nog twee uurtjes fietsen in een bakoven van dik boven de 40 graden zijn we via Haarlem in Misgund gestrand, waar we een lift kregen van een alleraardigste meneer met een bakkie. Assegaaibosch Country Lodge was de volgende ochtend om 10 uur al ons eindpunt. Hier konden we ons twee welverdiende dagen in relatieve luxe onderdompelen. Er restte ons toen nog één fietstocht langszaam dalend op weg naar surfersparadijs Jeffrey’s Bay (waarom zijn al die strandplaatsen zo lelijk?). Hier hadden we een leuk en gezellig hostel aan zee. Surfles, wandelexcursie door het township van Jeffreys bay, luieren, bier drinken en het regelen van fietsdozen en taxi en alvast afkicken van het fietsen, waren hier onze voornaamste bezigheden.

    De bijna 800 km lange tocht met 8.500 hoogtemeters was een mooi en bijzondere ervaring. Zuid Afrika is prachtig, de natuur overweldigend en de mensen bijzonder vriendelijk.

    Ik hoop dat binnenkort de route via MyGarmin te bekijken is. Dit is nu nog niet mogelijk, omdat het bestand te groot is om te uploaden (ik heb de gehele route als één route op mijn Garmin Edge geladen). Dit bekende probleem zal met de nieuwe software update verholpen moeten zijn.

    Vegistoemper


    Zuid-Afrika tour


    Stellenbosch-Villiersdorp


    Kaapstad-tochtje